Wat is een fijn leven voor een hond? Veel knuffelen en veel lekker eten geven? Een hond gedijt het beste bij voldoende beweging en voldoende afleiding.( zie “hoeveel beweging heeft een hond nodig”) Ook is een hond een sociaal dier wat het gezin waarin hij leeft als roedelgenoten ervaart. Een hond moet je dus als lid in de roedel beschouwen. Wel dient de hond in die roedel de onderste plaats in te nemen. De hond is daarbij het best gebaat bij duidelijkheid. (zie “huisregels rangorde in huis”) Een hond is een hond en geen kind. Honden die als mensen behandelt worden zijn niet gelukkig!
Hoeveel beweging cq uitdagingen heeft een hond nodig?
In principe heeft een volgroeide volwassen hond behoefte aan minimaal 2 uur beweging cq uitdagingen per dag. (voor pups en nog niet volledig volgroeide pubers gelden andere richtlijnen**)
We spreken niet voor niets over beweging en uitdagingen. Alleen elke keer hetzelfde rondje lopen aan de riem, ook al is het een uur, geeft natuurlijk wel beweging, maar weinig uitdagingen voor de hond. Regelmatig van route wisselen, een keertje naar het bos of strand maakt het een stuk spannender. Daarnaast door tijdens de wandeling tijd vrij te maken voor appèloefeningen, spel en speuren, wordt de hond niet alleen lichamelijk moe, maar ook geestelijk.(de uitdagingen) Ook contact en de mogelijkheid om los te spelen met andere honden hoort bij een wandeling. Ter afwisseling kun je de hond een keertje laten zwemmen of de hond naast de fiets*** laten lopen.
Waarom is een (goede) wandeling met alles erop en eraan nu zo belangrijk?
- Door lekker actief bezig te zijn met je hond, werk je tegelijkertijd aan een goed contact baas – hond.
- Een hond die voldoende uitdagingen krijgt (lichamelijk en geestelijk) zal die uitdagingen niet op andere manieren gaan zoeken, waardoor ongewenst gedrag voorkomen kan worden.
- Het welzijn van de hond wordt bevorderd. De hond zal thuis rustiger worden.
** Pups en pubers
Een hond groeit het eerste levensjaar heel hard. Waar een mens ongeveer 18 jaar voor nodig heeft, doet een hond binnen een paar jaar. Zijn hoogte heeft hij al bereikt als hij ongeveer één jaar oud is. Hierna zal de hond nog gaan “uitzwaren”, forser worden , o.a. qua uiterlijk en bespiering. De “pup/puber” is dus volop in de groei. De afstand en tijdsduur van de wandelingen zullen dus opgebouwd moeten worden in een tempo wat samenloopt met die groei. Gaan we de hond overbelasten, dan kunnen er lichamelijke problemen ontstaan. De grote rassen zijn hier nog iets gevoeliger voor dan de wat kleinere rassen.
Er is een handige richtlijn/ezelsbruggetje bij het opbouwen van de tijdsduur van de wandelingen: 4 keer daags (buiten de korte “pitstops” om, omdat de pup nog niet zo lang achter elkaar zijn behoefte op kan houden) per maand dat de hond oud is ongeveer 5 minuten wandelen. Met een hond van 4 maanden oud kan dus ongeveer 20 minuten gewandeld worden per keer. Met wandelen wordt bedoelt aangelijnd achter elkaar doorlopen. Loopt de pup los, dan kan hij zelf zijn tempo bepalen en aangeven door bv. te gaan liggen of achter blijven dat hij moe is. Maar ook dan kun je het ezelsbruggetje aanhouden, dus niet te lang en te ver, soms moet een pup tegen zichzelf beschermd worden, want sommige pups lijken onvermoeibaar. Een pauze inlassen of een stukje dragen, indien mogelijk qua grootte van de hond, is dan het beste. Op deze manier opgebouwd kan de hond met een jaar ongeveer een uur wandelen.
*** Zolang een hond nog niet is uitgegroeid is het nog niet verstandig om een hond naast de fiets te laten lopen. (zie leesvoer “fietsen met de hond”, te lezen op deze website)