De term baknijd wordt gebruikt als een hond zijn etensbak wil verdedigen uit angst dat die hem zal worden afgenomen. Dit is absoluut geen onnatuurlijk gedrag, maar kan wel gevaarlijk zijn als er kinderen of volwassenen die niet bekend zijn met dit fenomeen in de buurt zijn. De hond kan uitvallen als hij aangehaald wordt tijdens zijn eten of als er iemand volgens hem te dicht bij zijn etensbak komt.
Er zijn enkele oplossingen om met dit probleem om te gaan.
Ofwel kan je de hond in een aparte ruimte zijn eten geven en hem met rust laten tot hij gegeten heeft. Pas nadat de hond geen aandacht meer vertoont voor zijn etensbak, kan je deze dan wegnemen. Het probleemgedrag is dan niet verdwenen, maar wordt zo wel vermeden.
Een andere oplossing is de hond- stap voor stap- te laten wennen aan kinderen/volwassenen in de buurt van de etensbak. De hond moet nu leren dat de aanwezigheid van anderen niet bedreigend is, maar zelfs iets goeds kan opleveren voor hem.
Laat uw hond eerst rustig zijn kom leegeten. U bent wel in dezelfde ruimte aanwezig, maar negeert uw hond volkomen. Als zijn etensbak leeg is zegt u snoepje -of elk ander woord dat u gebruikt voor iets lekkers- en gaat naar uw hond en zijn etensbak. Wanneer de hond geen agressie of andere uiterlijke tekenen van ongemak vertoont, kan u het lekkers in zijn etensbak geven. Let wel, vanaf het moment dat uw hond tekenen van spanning begint te vertonen, werp dan het snoepje op de grond in de buurt van de hond. Als hij agressie vertoont, bent u eigenlijk al te dicht genaderd. Let dus goed op zijn lichaamstaal!
Bouw dit geleidelijk aan op door eerst de afstand te verkleinen tussen u en uw hond en dan het tijdstip te vervroegen nl. het snoepje geven als zijn bak nog niet helemaal leeggegeten is. Zo leert uw hond dat uw aanwezigheid en eventueel die van anderen niet bedreigend is, maar zelfs aangenaam.